Het verhaal van mevrouw Geilman

Mevrouw Geilman is al kind sponsor sinds 1973. Op dit moment steunt zij 4 SOS kinderen en 1 kinderdorp.

Hoe bent u kindsponsor geworden?
Wie ons op het spoor van SOS Kinderdorpen gebracht heeft, is me ontgaan. Wel herinner ik me dat iemand me vertelde dat het eerste kinderdorp in Nepal gebouwd werd en dat er peetouders gezocht werden. Ik had toen al een voorgeschiedenis met het land dus dit was mijn kans: hierdoor konden we een bijdrage leveren aan het land waar ik mijn hart aan verpand had. Bovendien was het een prachtige manier om heel direct geïnformeerd te worden over de ontwikkelingen daar. Nadat mijn man het een goed idee vond, hebben we het met onze kinderen besproken. Voor mij was het van belang, dat zij erbij betrokken waren. Door een symbolisch bedrag van hun zakgeld in te leveren werd het een ‘project’ van ons hele gezin en kregen de kinderen er een ‘peetbroertje’ bij. Toen mijn dochter eind 2005 voor het eerst naar Nepal ging, zei ze: “Mam ik ga ook voor jou.”

Kunt u iets vertellen over uw sponsorkinderen? 
Ik sponsor nu mijn 9e SOS kind. Al die jaren heb ik verschillende kinderen gesteund en ben ik betrokken geweest in hun leven. In april 1973 verwelkomden we Om Rana-Bhat in ons gezin. Ik zie zijn kaart nog op de schoorsteenmantel staan. Beige karton, A4 formaat, met zijn zwart-wit pasfoto en erboven in grote letters ‘Your Godchild’. Wat waren we trots en blij met zijn komst!

Daarna werden de brieven met nieuws over Om, het dorp Sanothimi en Nepal enthousiast gelezen en bewaard. Een paar jaar later werden we peetfamilie van Tsering Gyalpo. Met Gunjan Pratat die ik in 1991 begon te steunen, heb ik al die jaren al persoonlijk contact. Eerst per brief, later per e-mail en nu via Facebook. Hij is een dierbare aangenomen zoon en hij ervaart mij als zijn ‘moeder’.

Steeds als onze of later mijn financiële mogelijkheden verder uitgebreid raakten, ging ik meer kinderen sponsoren. Ik heb in mijn leven vooral veel kinderen uit kinderdorp Sanothimi in Nepal gesteund. De meeste van hen zijn inmiddels zelfstandig en staan op eigen benen. 


Wat zijn uw drijfveren om te sponsoren? 
Het gezin waarin ik ben opgegroeid had haar wortels in de vroege Partij van de Arbeid en mijn ouders waren overtuigde humanisten. Samen doen en samen delen waren pijlers van mijn opvoeding en er waren altijd gasten in huis, die ons gezin ondersteunde. 

Waarom heeft u voor SOS Kinderdorpen gekozen? 
Wat ik in eerste instantie zo belangrijk vond en nog steeds vind aan de opzet van de SOS Kinderdorpen is, dat de wortels van kinderen gerespecteerd worden. Ze krijgen de opvoeding die een voorzetting is van hun cultureel en sociaal erfgoed. Het tweede belangrijke punt is dat de kinderen opgroeien in een gezinssituatie, met een moeder die er altijd voor hen is, waardoor ze de  kinderen ook werkelijk de zorg en aandacht kunnen geven die ieder kind nodig heeft. Voor mij zijn ze ‘heldinnen’ die zich met hart en ziel verbonden hebben met hun taak. Wanneer ze met pensioen gaan, worden ze oma en houden contact met hun SOS kinderen. Tot slot telt voor mij mee dat de kinderdorpen een belangrijke bijdrage leveren aan de lokale gemeenschap. 

Wat vindt u mooi aan het feit dat u kindsponsor bent?
In het Nederlands is het woord ‘peet’ voor veel mensen mogelijk een ouderwets begrip. Toch ervaar ik het woord ‘peet’ als een omschrijving, die duidelijk maakt, dat het om meer gaat dan alleen geld doneren. Ik voel me ‘peetoma’ van mijn SOS kinderen. Toen een van mijn sponsorkinderen Om overleed, merkte ik dat ik me emotioneel met dit kind verbonden had. Die ervaring was wonderlijk, want ik had het ventje nog nooit gezien. Kennelijk wordt er een band gesmeed, door de brieven en foto’s, die je op de hoogte houden van de ontwikkelingen van het kind. 

In 2006 heb ik tijdens een bezoek aan kinderdorp Sanothimi mijn petekind Rita in de armen mogen sluiten. Ze was verlegen, hoewel ze moedig genoeg was om in het Engels wat te zeggen. Ze liet ons haar kamer zien, waar zij en haar zusjes sliepen. Ik merkte dat ik regelmatig geroerd werd en de tranen sprongen me echt in de ogen toen de dorpsdirecteur me vertelde dat ze me daar de ‘ Granny’ van het dorp noemden. Wat maakt, dat ik me zo geroerd voel door de kinderen? Die vraag houdt me nog altijd bezig en ik heb er geen eenduidig antwoord op. Wel voel ik dankbaarheid, dat ik dit mag en kan doen, dat ik er de middelen voor heb. Ik vertel graag over het werk van SOS Kinderdorpen en over mijn peetkinderen. Met het steunen voel ik me gewaardeerd en dat raakt mijn gevoelige snaar. Het is alsof gezien wordt dat ik mijn steentje bijdraag aan een betere samenleving, iets wat ik hoog in mijn vaandel draag. 

Hoe is uw rol voor de SOS kinderen die u steunt?
Mijn ervaring met Gunjan illustreert dit het beste. Toen ik het kinderdorp van Gunjan bezocht, sloten we elkaar voor het eerst in de armen. Gunjan was zo geroerd, dat hij nauwelijks een woord gezegd heeft. Inmiddels lijkt het erop, dat ik in zijn verbeelding de rol van moeder gehad heb en die nog steeds vervul. Zijn moeder is vlak na zijn geboorte overleden en zijn stiefmoeder heeft hem afgewezen. De oude tante, waar hij terecht kwam, heeft hem tenslotte naar het dorp gebracht. Ook al had hij een goed contact met zijn SOS moeder, ze was er ook voor de negen andere kinderen. Ik kan me daarom voorstellen, dat de peetmoeder een ideaalbeeld wordt, een vrouw die er altijd en alleen voor jou is. Vanaf het moment dat we gingen e-mailen, kwamen er korte berichten, meestal met een vraag, die hem bezig hield. Zo vertelde hij dat zijn vader een vrouw voor hem gevonden had en dat hij wilde dat hij trouwde, wat ik daar van dacht? Mijn antwoord was duidelijk: wat vind je er zelf van? En: alleen als jij het wilt en de wil van je vader kun je, in jouw geval, naast je neerleggen. Hij is nog steeds vrijgezel. Op mijn aanraden wacht hij tot na zijn terugkeer uit Darfur, want de ervaringen daar, kunnen zijn kijk op het leven danig veranderen.

Hoe lang bent u nog van plan om sponsor te blijven?
Zo lang ik leef en ik hoop nog heel wat jaar op de been te blijven. Of ik SOS Kinderdorpen ook na mijn dood nog wat kan na laten, is nog onduidelijk. In ieder geval geef ik NU mijn peetkinderen een steuntje in de rug, ook voor ‘later’, wanneer ze op eigen benen komen te staan. Iedere verjaardag maak ik een bedrag over en ik weet, dat het gespaarde bedrag ook over een aantal jaren in Nepal nog iets voorstelt.

"Tenslotte vind ik het belangrijk dat de overheadkosten van de stichting SOS Kinderdorpen zo laag mogelijk worden gehouden. Er blijft nergens ‘iets aan de strijkstok hangen’ en er zijn veel enthousiaste vrijwilligers die zich kosteloos inzetten. Het lijkt erop, dat de organisatie de ‘corruptie kanalen’ aardig tot helemaal kan ontwijken.”

SOS Kinderdorpen en de Postcode LoterijSOS Kinderdorpen en CBF KeurmerkSOS Kinderdorpen en ANBI

Giro: 2280
Iban: NL90INGB0000002280 

Disclaimer   Privacy en cookies
Volg ons via   Facebook Twitter Youtube  Pinterest

/* pageName= Het verhaal van mevrouw Geilman pagePrefix=soskdnl breadCrumb=Sponsor een kind / Sponsor ervaringen / Het verhaal van mevrouw Geilman mainDomain=sos-kinderdorpen.nl langIdentifier=NL:nl,nl */